Remontada redt opening WK-jaar van Oranjemannen
In dit artikel:
Nederland is het WK-jaar begonnen met een moeizame maar verdiende 3-4 zege op Spanje in Valencia. De Oranje-mannen keken al snel tegen een 2-0 achterstand aan nadat Spanje twee keer profiteerde van corners (Marc Vizcaino 11’, Pepe Cunill 15’). Het duel telde als het eerste Pro League-wedstrijdblok richting het in eigen land te spelen WK van 2026, en heeft extra gewicht omdat de Pro League dit seizoen een olympisch ticket voor Los Angeles kan opleveren.
Nederland, met in de selectie veel ervaren olympische krachten, had even nodig om in de wedstrijd te komen. Doelman Derk Meijer hield zijn ploeg in de race met enkele belangrijke reddingen, en vlak voor rust scoorde Pepijn van der Heijden uit de eerste Nederlandse corner: 2-1 (27’). De afwezigheid van vaste cornerman Jip Janssen door knieproblemen gaf Van der Heijden meer verantwoordelijkheden bij dode spelmomenten.
Na de pauze vocht Oranje zich terug. Een Japan van slordigheden in de Spaanse opbouw leverde Koen Bijen de gelijkmaker op (43’). Kort daarna nam Thierry Brinkman met een knappe actie vanaf de achterlijn de voorsprong: 2-3 (48’). Tijmen Reyenga leek de wedstrijd twee minuten voor tijd te beslissen met 2-4 uit een sleep (59’), maar Guillermo Fortuño maakte in de slotfase nog 3-4 (60’), zonder dat Spanje het resultaat meer kon keren.
De zege toont karakter — een late remontada — maar ook dat Oranje in het begin te kwetsbaar was en pas laat de bovenliggende partij werd. De Pro League-ploeg kampt met wisselvalligheid (tot dusver zeven punten uit vier duels) waardoor de resultaten in Spanje extra belangrijk zijn. Vlak voor het toernooi in de zomer wil bondscoach Jeroen Delmée vooral meer consistentie zien.
Vrijdag staat al het volgende Pro League-duel gepland: om 11.00 uur speelt Nederland tegen Engeland in Valencia. Die wedstrijd is een nieuwe kans om sneller controle te krijgen en vertrouwen te tanken richting de WK-zomer.