Raoul Ehren na zeldzaam verloren finale: "We zijn geen robots"
In dit artikel:
Nederland heeft in de WK-finale hockey naast de wereldtitel gegrepen. Oranje speelde tegen Argentinië met 1-1 gelijk en verloor daarna de shoot-outs. Bondscoach Raoul Ehren noemt het zilver daarom een teleurstelling: de ploeg kwam naar het toernooi met maar één doel, goud. Tegelijk is hij trots op de prestaties en de manier waarop Nederland het WK heeft gespeeld.
De verschillen in de finale waren klein. Nederland kwam op voorsprong, maar Argentinië voerde de druk op en kreeg acht strafcorners, tegenover drie voor Oranje. De Nederlandse verdediging hield lang stand, maar de gelijkmaker viel na een ongelukkige van richting veranderde bal. Volgens Ehren lag de nederlaag niet alleen aan dat moment. Bij een 1-0-voorsprong kreeg Nederland ruimte door de hoge Argentijnse druk, maar de ploeg wist daar te weinig gebruik van te maken en creëerde minder dreiging in de cirkel.
Ehren ziet de finale als bewijs dat de internationale top dichter bij elkaar is gekomen. Argentinië en België investeren intensief in hun teams, terwijl ook China zich ontwikkelt. Nederland won op het WK zes wedstrijden, speelde één keer gelijk en verloor alleen de finale. Bovendien kreeg het gedurende het hele toernooi slechts één veldgoal tegen. Toch was Oranje in de beslissende wedstrijd volgens de coach niet beter dan Argentinië, waarna de kleinste marges het verschil maakten.
Na afloop zocht de ploeg eerst steun bij elkaar en feliciteerde daarna de Argentijnen. Ehren hoopt dat de teleurstelling later extra motivatie oplevert richting de Olympische Spelen van 2028 in Los Angeles, waarvoor Nederland al geplaatst is. De finale was bovendien de laatste wedstrijd van Xan de Waard, die met drie wereldtitels en een zilveren medaille afscheid nam. Een gouden bekroning op haar carrière bleef uit, maar Ehren prees haar loopbaan en zag haar ondanks het verlies met een glimlach meelopen tijdens de ereronde.
Vandaag Inside: Johan Derksen kritisch op tv-optreden Mona Keijzer: ‘Ik ben fan van haar, maar…’