Haantjes wil met Marokko naar Spelen: 'Er ligt niet één veld'

woensdag, 25 februari 2026 (07:07) - Hockey.nl

In dit artikel:

Elke maandag traint op Rijnvliet een pas gevormd nationaal vrouwenhockeyelftal: Marokko. Het team bestaat grotendeels uit Nederlandse en Belgische speelsters met Marokkaanse roots en is ontstaan ruim een half jaar geleden. Initiatiefnemer en bondscoach Rob Haantjes – bijgestaan door Niels de Brouwer – kreeg aanvankelijk twijfels, maar raakte enthousiast en nam de uitdaging aan: vanaf nul een ploeg opbouwen met als gedurfde eindstreep de Olympische Spelen van Brisbane 2032. „Ik geloof heilig in dit plan”, zei hij over het traject.

Uit circa vijftig aanmeldingen selecteerde Haantjes negentien speelsters. De samenstelling is jong: slechts vier speelsters zijn al senior; de rest komt uit jeugdteams, sommige nog maar veertien jaar oud. Een van de weinige senioren is Amina Addou (Huizen). Er is inmiddels ook een beloftenteam, zodat de staf kan werken aan continuïteit en ontwikkeling op langere termijn.

De grootste obstakels liggen buiten het veld: Marokko heeft praktisch geen hockeyinfrastructuur, staat nog niet op de wereldranglijst en moet snel omhoog klimmen om tot de top vijf van Afrika te behoren — alleen die landen komen in aanmerking voor deelname aan het continentale kampioenschap, dat toegang biedt tot de Olympische kwalificatie. Historisch gaat het Afrikaanse olympische ticket naar Zuid-Afrika; om naar Brisbane te mogen moet Marokko op termijn van Zuid-Afrika kunnen winnen.

Concreet werkt de ploeg aan het spelen van veel interlands om wereldranglijstpunten te vergaren. De eerste officiële interland vond eind januari in Rotterdam plaats tegen Zwitserland (4-0 verlies), een leermoment volgens Haantjes. Voor juni staat een drieluik gepland tegen Portugal, Gibraltar en mogelijk Luxemburg. Het streefniveau is om rond de zeventigste plaats op de wereldranglijst te komen — „vier of vijf keer winnen en je bent er al”, stelt Haantjes — waarna deelname aan het Afrikaans kampioenschap realistisch zou worden.

Haantjes rekent erop dat speelsters die nu rond de 17 zijn, tegen 2031 volwassen en ervaringrijk genoeg zijn om mee te strijden om het olympische ticket, eventueel aangevuld met talent uit landen als Duitsland of Frankrijk. De opgave is fors, maar met structurele training en meer interlands ziet hij een pad naar Brisbane.